Morgenochtend vroeg vertrek ik op wijnreis. Heel veel zin en een goede reden weer eens wat stukjes op dit blog te plaatsen. Vroeger toen ik nog actief in de wijn was, bezocht ik vaker wijnlanden en vooral Frankrijk. Nu is het enige tijd geleden. Ik ga met de importeur van onder meer een aantal gerenommeerde Bourgognehuizen, Chris Janselijn (zie o.a. www.topbourgognes.nl) op stap en we zullen naast de Champagne en de Bourgogne (uiteraard) ook een bezoekje brengen aan het huis van Didier Dagueneau.

Didier Dagueneau zelf is nu zo’n twee-en-een-half jaar geleden overleden en gold als de beste wijnmaker in de Pouilly Fumé. Onder collega’s was hij nogal controversieel. Hij had geen oenologie-opleiding genoten, was afkomstig uit de motorracerij en had een radicaal andere benadering van wijnmaken dan gebruikelijk in die streek. Hij werkte vooral in de wijngaard, oogstte extreem laat en schuwde houtgebruik niet. Hij maakte prachtige wijnen en zijn wijnen werden de duurste en meest gezochte uit de regio. Dit leidde tot enige jalousie onder collega wijnmakers. Zijn uiterlijk was eveneens wat ongebruikelijk. Tijdens een lunch waar zijn wijnen centraal zouden staan in een enigszins exclusief restaurant in Amsterdam werd hem de toegang ontzegd. De eigenaresse zag hem aan voor een zo’n hasj-toerist die zijn laatste geld in de coffee-shop had uitgegeven en verder scharrelend in zijn bestaan moest voorzien.

Enfin, zijn werk is overgenomen door zijn familie en deze week gaan we er langs. Het is niet de eerste keer dat ik het huis bezoek. In de winter van 1998 was ik er ook al. Er zou een afspraak voor ons zijn gemaakt door de toenmalige importeur. Daar aangekomen wist hij van niets. Rex Neve de naam van die importeur? Nooit van gehoord. “le nom me ne dit rien.” Maar goed nu we er toch waren. We waren welkom en of we al geluncht hadden? Na een rondleiding door zijn vlekkeloos schone kelder maakte vooral een vat dat uiteindelijk in zijn beste cuvée ‘Silex’ zou belanden diepe indruk. De druiven voor dit vat waren allemaal geoogst van wijnstokken van 80 jaar en ouder. Dat wijn van Sauvignon Blanc zo dik, geconcentreerd, rijk en weelderig kon zijn. Ongelooflijk, ik heb erwtensoep gegeten die dunner was.
De lunch was evenzo memorabel: Côte du Boeuf uit de haard met gestoofde prei. Aan een lange tafel schoven de werknemers aan die op het land aan het werk waren geweest, kinderen en honden die renden om en onder de tafel en prachtige wijnen werd geschonken. Een tafereel dat eerder deed denken aan een romantische Franse film dan aan de werkelijkheid. Ik bewaar er nog steeds goede herinneringen aan.

Terug in Amsterdam werd het een soort running gag. Als een klant vroeg of we ook wijn hadden van Dagueneau. “Dagueneau? Le nom me ne dit rien.”

Be Sociable, Share!
Share